Tussen verleden en toekomst
Deel 6
Opa Julian
‘Julie, ben je thuis,’ horen ze beneden roepen?
‘Opa, het is opa,’ roept Elsje uitgelaten en als Julian de kamer inkomt rent ze op hem af.
‘Sorry dat ik zo vroeg ben, maar ik dacht dat dat wel geen bezwaar zou zijn.’
‘Natuurlijk niet pa, fijn dat je er bent,’ antwoordt Julie.
Julian geeft beiden een kus en vraagt: ‘Is er voor mij misschien ook nog een ontbijtje mogelijk?’
‘Ja, neem plaats. Ik zal even een bordje voor je bijschuiven. Wat heb je liever een kop thee of koffie,’ vraagt Julie.
‘Nou als ik mag kiezen, zou ik graag een kop koffie lusten. Het was best druk op de weg en koffie gaat er wel in.’
‘Wel kleine, verheug je je al op het feest straks op school?’
‘Ja, we gaan met de hele school kerst vieren in de gymzaal. Daar staat een hele grote boom van wel tien meter hoog,’ antwoordt ze opgewekt en met haar armpjes in de lucht wil ze aanduiden hoe hoog die boom is.
‘Nou dat moet dan wel een heel bijzondere boom zijn. Wat jammer nou dat ik al volwassen ben.’
‘Och, maar u mag best mee hoor. Er mogen ook opa’s en oma’s komen. Mama komt ook.’
‘Echt waar, denk je dat ik ook welkom ben?’
‘Ja, dat mag best van de juf. Ja toch mam, opa mag toch ook mee naar het kerstfeest op school?’
‘Als opa dat wil, dan mag dat. Wil je dat pa?’
‘Als jij het niet erg vindt, graag,’ antwoordt Julian.
‘Dan gaan we toch gezellig met zijn drieën,’ antwoordt Julie.
Het feest in de gymzaal verloopt gezellig met de boom als middelpunt. Julian begrijpt waarom de kleine meid zo opgetogen had geroepen dat hij wel tien meter hoog was. De boom was inderdaad van grote hoogte en als je zo klein bent moet hij wel enorm overkomen. Je kon zien dat er aandacht aan was besteed en de kinderen bewonderde de vele versieringen en wenskaartjes die zij met zijn alle in de boom hadden gehangen.
Hier en daar ving hij wat nieuwsgierige blikken op van moeders en steevast knikte hij ze vriendelijk toe.
‘Dat is mijn opa,’ hoorde hij Elsje regelmatig zeggen en dan wees ze vol trots zijn richting op.
‘Vind je het niet erg dat ik mezelf heb uitgenodigd voor het feest,’ vraagt hij aan Julie.
‘Wel nee, waarom. We hebben toch niets te verbergen? Niet meer, pa. Niet meer.’
‘Dank je schat,’ antwoordt hij.
Na twee uur is het feest voorbij en gaan de kinderen nog even naar de klas. Intussen gaan de ouders naar buiten en wachten daar op de terugkeer van hun kinderen. De kerstvakantie is een feit.
Net als zovele jaren hiervoor had Julian op kerstavond een kerstborrel georganiseerd voor vrienden, kennissen en familie. In eerste instantie had hij ervan willen afzien omdat hij vreesde dat de druk te groot zou worden voor Isabella, maar zij had erop gestaan dat de traditie moest worden voortgezet.
‘Toe pa, neem me dit niet af. Dit zal hoogstwaarschijnlijk de laatste keer zijn dat ik onze vrienden en kennissen allemaal bij elkaar zal zien. Als het mij te veel wordt kan ik mij altijd even terugtrekken of naar ons eigen huis gaan. Toe gun mij, nu ik het nog kan, op een menselijke manier van deze mensen afscheid te nemen. Bovendien is het een goede gelegenheid om Julie aan hen voortestellen en het is goed als iedereen kan zien dat wij elkaar hebben geaccepteerd en een band hebben opgebouwd. Daarbij komt, jouw personeel heeft tot nu toe altijd deze avonden zo goed georganiseerd, dat het ons geen energie zal kosten. Men heeft het altijd op prijs gesteld dat je je huis op kerstavond openstelde. Laten we dit dan ook dit jaar doen.’
Julian had nog altijd zijn bedenkingen over het feest, maar tegelijkertijd begrijpt hij dat de weerzin meer van zijn kant komt, dan van de anderen. Hij zag op tegen het komende jaar. Iedere dag als hij naar Bella ging zag hij dat ze pijn had. Waarom zij, waarom? Ze heeft nog zoveel om voor te leven. Vaak zat hij in de late avonduren in het donker en vroeg zich af wat hij zou kunnen doen om al dat leed om hem heen te verzachten. Wat had zij verkeerd gedaan, waarom zij. Nee, die ziekte kent geen waarom of vraagt zich ook niet af wie je bent. Rijk of arm, daar stoorde deze ziekte zich niet aan. Het enige wat hij kon doen is zijn belofte, die hij haar had gegeven, waar te maken. Hij had haar beloofd dat hij er zou zijn voor Andreas en de kinderen. Dat zou hij doen en hij zou ervoor zorgen dat deze laatste kerstavond de mooiste kerstavond zou worden die zij ooit had beleefd.
Het huis was prachtig versierd en aan weerzijde van de oprijlaan waren de bomen versierd met duizenden lichtjes. Dit jaar was er midden in de grote fontein een reusachtige boom geplaatst. Deze hadden ze de vorige dag ook voorzien van lichtjes en vlak voor het avondeten werden ook deze lichtjes op een plechtige manier aangezet. De vele bezoekers bewonderde de prachtige verlichting in en rondom het huis. Julian had niets aan het toeval overgelaten en genoot als hij naar zijn twee dochters en kleinkinderen keek. Andreas en Ferdy stonden hem bij en wisselde hem regelmatig af zodat hij zich ook om de andere gasten kon bekommeren. Men zag al snel de gelijkenis tussen de twee zussen en Julie werd dan ook snel in de vrienden- en kennissenkring opgenomen. Het grappige was dat Julie bij enkele vrienden al een bekende was omdat zij in het verleden wat opdrachten voor hen had voltooid.
De sfeer was ongedwongen en de gasten hadden het naar hun zin. In de grote hal was, net als de vorige jaren plaatst gemaakt voor een orkestje dat drukdoende bezig was om hun instrumenten te instaleren. Julian vraagt de aanwezige of zij zich naar de hal willen begeven en daar geven de gasten maar wat graag gehoor aan. Voorzichtig pakt hij de hand van Isabella en zij knikt hem glimlachend toe. In de hal begint het bandje te spelen en openen Julian en Isabella de dansvloer. De gasten kijken vertederd toe hoe vader en dochter over de dansvloer glijden. Halverwege de dans gaat de blik van Isabella zoekend door de menigte en blijft rusten op Julie. Ze knikt en wenkt haar naar voren te komen, waar Julie gehoor aan geeft. ‘Lieverd, de rest van de dans is voor jou,’ fluistert ze zacht.
Julian neemt Julie in zijn armen en danst het overige deel van de wals. Isabella loopt naar Andreas die inmiddels de dansvloer is op komen lopen. Het ene paar na het andere neemt bezit van de vloer en genieten van de muziek die het orkest voortbrengt.
Niet alleen de volwassenen genieten van deze bijzondere avond, maar ook de kinderen hebben het naar hun zin. Andreas ziet erop toe dat Bella zich niet al te veel laat verleiden om tot het uiterste te gaan en regelmatig neemt hij haar even mee naar de salon om wat te rusten.
Om half elf laat Bella weten dat zij nog graag een afscheidswoord wil richten tot de aanwezige en dat daarna voor haar de tijd is aangebroken om naar huis te gaan.
‘Weet je zeker dat je dat wil,’ vraagt Andreas?’
‘Ja schat, ik weet het zeker. Laat het om mijn manier doen.’
‘Goed, ik blijf aan je zijde.’
Samen lopen ze naar het bedienend personeel, die deze avond hun uiterste best doen om er een geslaagde avond van te maken. Isabella geeft hun een teken dat de tijd is aangebroken, om de opdracht te vervullen die zij hadden afgesproken. Andreas kijkt haar vragend aan, maar zij fluistert alleen maar: ‘Het komt goed, schat, geloof me.’
Isabella pakt een glas champagne van een blad en loopt statig naar de hal en vraagt de leden van het orkest om te stoppen met spelen omdat zij graag even het woord wil richten tot de aanwezige.
Het orkest stopt met spelen en Isabella tikt even met haar nagels tegen het glas en zegt:
‘Lieve mensen, ik wil graag even het woord tot u richten’
De aanwezige staan gefascineerd naar haar te kijken en wachten geduldig tot zij begint met haar toespraak.
Intussen komen de bediendes binnen met bladen vol gevulde champagne glazen. Andreas kijkt haar vragend aan, maar ze glimlacht hem dankbaar toe.
Even kucht ze en begint dan te spreken:
‘Zoals de meeste van jullie weten zal dit mijn laatste kerstavond zijn die ik samen met jullie allen zal vieren. Mijn krachten nemen in rap tempo af en over niet al te lange tijd zal ik er niet meer zijn. De laatste weken, die ik nog hoop door te brengen, zal ik dat doen met mijn naaste. Ik wil dan ook op deze mooie avond, van de gelegenheid gebruik maken om afscheid van jullie te nemen. Ondanks dat ik nog zo graag het leven zou willen vieren, is dat voor mij niet weggelegd. Daar kan ik triest om zijn, maar ik ben ook gelukkig dat ik zoveel heb gehad waar ik dankbaar voor ben. Ik heb een prachtige man en kinderen, die veel van mij houden en een fantastische vader die mij op de valreep nog een zus heeft geschonken. Julie, ik ben heel gelukkig dat wij elkaar nog hebben leren kennen en ben je dankbaar voor al hetgeen je voor ons doet.
Dank jullie allemaal voor jullie vriendschap en vier het leven. Laten we een toost uitbrengen op het leven, vriendschap, liefde en het nieuwe jaar.’
De glazen worden uitgedeeld en de aanwezige wachten stil totdat iedereen is voorzien van een glas.
Dan wordt er getoost en vraagt Isabella het orkest nog éénmaal voor haar een wals te spelen.
Voor de laatste keer loopt ze met Andreas aan haar hand naar het midden van de vloer en dansen ze samen hun laatste wals.
Na het vertrek van Isabella en Andreas gaat het feest nog een uurtje door en dan vertrekken de eerste gasten. Bij het afscheid bedanken de gasten Julian voor de bijzondere avond en wensen hem sterkte voor de komende weken. De avond was geslaagd, ondanks de toespraak van Isabella, die de meeste heel dapper vonden. De gastheer had erop toegezien dat de avond feestelijk was gebleven en Isabella had na de laatste wals persoonlijk opgewekt afscheid genomen van de aanwezige, zodat er inderdaad geen domper op deze avond viel.
Julie en Ferdy ontfermde zich over de kinderen en gezamenlijk vertrekken ze naar het naast gelegen huis. Julian bleef alleen achter en zag erop toe dat het personeel alles weer in zijn keurige staat brachten. Hij bedankte de orkestleden, die deze avond zo voortreffelijk hadden gespeeld en die wel hadden gemerkt dat er een bijzonder tintje aan deze avond zat. Ze kregen naast hun honorarium nog een flinke bonus en bedankte hem daarvoor. Het bedienend personeel, die hem al vele jaren van dienst zijn, kregen ook een extra bonus en als deze uiteindelijk ook vertrekken is het stil in huis en gaat hij even in zijn geliefde fauteuil zitten voor de open haard en staart naar het voor hem zo bekende portret. Nippend van zijn cognac denkt hij terug aan de afgelopen avond.
Julie en Ferdy hebben hun handen vol aan de drie kinderen die maar niet kunnen ophouden om de avond telkens opnieuw te bespreken.
‘Ik denk dat het nu echt tijd is om te gaan slapen. Morgen is het kerst en ik denk dat we, ook dan een drukke dag voor de boeg hebben,’ oppert Julie.
‘Tante Julie, u heeft gelijk, maar het was zo mooi allemaal,’ antwoordt Andy.
‘Ik weet het lieverd, het was inderdaad een mooi feest. Welterusten,’ zegt Julie en dekt hem nog even toe.
‘Welterusten tante Julie.’
En ook uit het andere bedje klinkt een ‘Welterusten,’ van een al zo goed als slapende Nicky.
‘Slapen ze,’ vraagt Ferdy als ze de keuken in komt.
‘Zo goed als,’ is haar antwoordt.
Ferdy loopt op haar af en neemt haar in zijn armen, waar Julie zich maar wat graag innestelt. Ze voelt zijn warmte, sluit haar ogen en geniet van zijn liefkozingen. ‘Slaap je in mijn kamer vannacht,’ hoort ze hem fluisteren.
‘Ja, ik denk dat Elsje de rest van de nacht wel doorslaapt. De kinderen zijn zo moe.’
‘Als die kleine meid ziet dat je niet in je bed ligt, weet ze heus wel waar je bent.’
‘Je hebt gelijk, daar hoeven we niet geheimzinnig over te doen.’
Samen controleren ze nog even of alle lichten zijn gedoofd en de deur naar de tuin op slot is.
De slaapkamer van Ferdy is ruim en de aangrenzende badkamer is een ongekende luxe. Vragend kijken ze elkaar aan. ‘Zullen we,’ vraagt Julie?
‘Absoluut,’ is het antwoordt en na nog wat liefkozingen laat Ferdy het bad vollopen.
Van veel nachtrust zal het deze nacht niet komen, maar daar maalt geen van beide om.
Om half zeven gaat het alarm af van de mobiel van Julie en even heeft ze spijt dat ze deze niet wat later had ingesteld. Slaperig draait Ferdy zich om en vraagt waarom ze zich zo vroeg laat wekken.
‘Ik wil heel graag een kerstontbijt maken en daarom heb ik hem zo vroeg afgesteld. Sorry, slaap nog maar even door. Ik ga eerst douchen en mij aankleden.’
‘Weet je zeker dat je geen hulp nodig hebt?’
‘Nee, echt niet.’
‘Oké,’ mompelt hij en valt direct weer in slaap.
Julie stapt onder de douch en na het afdrogen trekt ze een overhemd van Ferdy aan. Als ze in haar eigen kamer komt ziet ze dat Elsje nog slaapt als een roos. Zachtjes opent ze de kast en trekt er een rode wollen jurk uit. Rustig loopt ze de trap af naar de keuken om voor een feestelijk ontbijt te zorgen.
‘Nou jij hebt er zin in, heeft die broer van mij je eruit geschopt?’
‘Andreas, wat doe jij zo vroeg op. Gaat het niet goed met Bella?’
‘Bella slaapt, maar ik was opeens klaarwakker, dus dacht ik laat haar maar lekker slapen en ben eruit gegaan. Maar hoe zit dat met jou?’
‘Ik had de wekker gezet omdat ik voor het ontbijt wilde zorgen.’
‘Daar help ik je wel bij, wil je eerst een kop thee?’
‘Graag.’
Andreas pakt één van de grote theemokken en schenkt deze vol. ‘Geniet er maar even van, want straks krijg je daar, met die woelwaters van ons, vast geen tijd meer voor.’
‘Daar kan je wel eens gelijk in krijgen.’
Julie geniet van de warme thee en staart door het raam het donker in.
‘Was het zo overweldigend, vannacht,’ hoort ze Andreas vragen?
Ze voelt dat ze rood aanloopt. Haar gedachten waren inderdaad afgedwaald naar de afgelopen nacht.
‘Sorry, ik wilde je niet in verlegenheid brengen. Ik weet maar al te goed dat mijn broer dat effect heeft op vrouwen.’
‘Het geeft niet,’ antwoordt Julie. ‘Hoe gaat het eigenlijk met jou? We krijgen niet vaak de gelegenheid om even met elkaar te praten.’
‘Mis je het?’
‘Wat bedoel je,’ vraagt ze.
‘Dat wij zo weinig met elkaar kunnen praten.’
‘Ik…, ja nu je het zegt. Soms vraag ik me af hoe het nu werkelijk met je gaat en ik mis je humor.’
‘Weet je dat het een jaar geleden is dat wij elkaar voor het eerst zagen,’ vraagt hij verrassend.
Julie kijkt hem verbaast aan en het verrast haar dat hij dat zo nauwkeurig weet.
‘Je was boos, omdat ik je had aangezien voor een hobbyist,’ grijnst hij.
‘Ja, dat klopt. Dat viel niet zo goed geloof ik,’ antwoordt ze lachend.
‘Nou inmiddels weet ik wel beter. Dat talent heb je van je vader geërfd. Er is veel gebeurd het afgelopen jaar. Je hebt nu zelfs een aangenomen dochter die je aandacht vraagt, en daarnaast neem je ook nog een groot deel van de zorg voor mijn kinderen voor je rekening. Wordt het jou soms niet te veel?’
‘Nee, ik doe het graag. Alleen dat heen en weer reizen breekt me wel eens op.’
‘Waarom neem je dan het aanbod van je vader niet aan om bij hem in het grote huis te komen wonen?’
‘Dat kan toch niet. Ik heb mijn huis, mijn werk en Elsje gaat naar school. Nee dat kan echt niet.’
‘Natuurlijk wel. Julian heeft een grote werkplaats waar je je werkzaamheden kunt verrichten. Het huis biedt veel mogelijkheden om ruimtes voor jou en Elsje te creëren en de kleine meid kan naar dezelfde school waar ook de jongens naar toegaan.’
Vragend kijkt ze hem aan en begrijpt niet goed wat hij bedoelt. Hij staat op en loopt naar haar toe en strijkt een lok uit haar gezicht. ‘Denk erover na, dat is het enige wat ik je adviseer.’
‘Zal ik doen,’ antwoordt ze zacht.
‘Nou, inmiddels is het half acht. Als we nog iets willen bereiden dan moeten we onze schouders er onderzetten,’ oppert hij opgewekt.
Samen gaan ze aan het werk en een uurtje later staat de tafel feestelijk gedekt en kunnen de andere aanschuiven.
Het ontbijt brengt de nodige drukte met zich mee. De kinderen zijn nog volop bezig met hun belevenissen van de vorige avond en daarnaast zitten ze vol spanning over hetgeen ze vandaag nog kunnen verwachten. Bella zit er wat stilletjes bij en het is duidelijk dat de vorige avond veel van haar krachten heeft geëist. Andreas observeert haar met een ernstige blik en vraagt of ze niet veel liever terug wil naar haar bed.
‘Na het ontbijt misschien, maar nu wil ik hiervan genieten,’ is haar antwoordt en knikt liefdevol naar de kinderen.
‘Goed, maar beloof me dat je straks weer je rust neemt.’ Ze knikt en probeert nog wat te eten.
‘Pap, wanneer mogen we de kerstcadeaus uitpakken,’ vraagt Nicky?
‘Vanavond lieverd, na het eten gaan we met zijn alle gezellig de cadeaus uitpakken.’
‘Dat duurt nog wel heel lang hoor,’ is het antwoordt.
‘Geduld is een schone zaak,’ is het weerwoord en de jongen begrijpt dat hij zich daarin moet schikken.
‘Wie gaat er mee naar de kerk,’ vraagt Julian plotseling en kijkt vragend in het rond.
‘Ik wil bij Bella blijven, maar misschien wilt u de kinderen meenemen,’ vraagt Andreas?
‘Pa, Elsje en ik gaan met u mee, als u er tenminste geen bezwaar tegen hebt,’ reageert Julie.
‘Nee lieverd, absoluut niet.’
‘Nou weet je wat, dan opper ik me ook wel op,’ grapt Ferdy.
‘Fijn, dat is dan afgesproken,’ antwoordt Julian.
Als het zestal de kerk betreedt zien ze dat er menig oog op hen gericht is en Ferdy kan niet nalaten er een komische opmerking over te maken waar Julie om moet glimlachen en dat levert een boze blik van de dominee op. ‘Zie je nou, nu heb ik er ook nog een vijand bij,’ sist ze Ferdy toe.
‘Ach, maak je daar maar niet druk om. Die draait wel bij,’ is zijn antwoordt.
Dan wordt iedereen verzocht te gaan staan en zet het kerkkoor het stille nacht in, dat door menigeen wordt meegezongen. De dominee eindigt zijn dienst met de woorden dat eenieder vandaag ook even moet stilstaan bij degene die niet meer onder ons zijn of die men binnenkort dreigt te verliezen.
Julie kijkt even opzij en ziet dat haar vader even moet slikken en troostend pakt ze even zijn hand vast.
Als de kerkgangers na de dienst de kerk verlaten staat hen een verassing te wachten. Tijdens de kerkdienst is het gaan sneeuwen en de omgeving is voorzien van een witte deken. Uitgelaten rennen de kinderen door de sneeuw en al snel ontstaat er een sneeuwballengevecht.
Bij thuiskomst zijn de kinderen door het dolle heen en willen direct weer naar buiten om een sneeuwpop te maken. Julie staat erop dat ze zich eerst omkleden en niet vergeten hun wanten en een muts op te zetten. Hier en daar wordt nog wat materiaal verzameld om de pop aan te kleden en dan rennen ze door de tuin naar de oprijlaan waar ze gedreven een bal van sneeuw beginnen op te rollen.
Zo nu en dan neemt Julian een kijkje om te zien hoe de pop vordert en om ze te helpen.
Aan het eind van de middag gaan Ferdy en Julie beginnen met de voorbereidingen voor het kerstdiner. Inmiddels is Bella weer zover opgeknapt dat zij zich weer bij hen kan voegen. Vanuit het keukenraam geniet ze van hetgeen de kinderen buiten aan het bouwen zijn.
Tegen zessen komen de kinderen uitgeput binnenrennen en neemt Andreas ze mee naar boven om ze om te kleden. Ook Julie neemt Elsje mee om haar te kleden voor het diner, dat over een uurtje klaar zal zijn. Ze besluit dat ook zij zich zal omkleden om er een feestelijk tintje aan te geven. Als het tweetal beneden komen worden ze gecomplimenteerd met hun outfit. Julie vraagt Bella of ook zij zich wil verkleden en of zij haar kan helpen. ‘Dat zou ik heel fijn vinden. Zou je ook mijn haar willen doen?’
‘Natuurlijk schat, graag. Alles is klaar hier en de heren kunnen zich nuttig maken met het dekken van de tafel.’
‘Aai…aai…, baas. Komt voor de bakker,’ glimlacht Andreas.
Julie neemt Bella mee naar haar slaapkamer, die al maanden op de begane grond is gevestigd. Toen bleek het traplopen steeds moeilijker voor haar werd, heeft Andreas ervoor gezorgd dat zijn werkkamer verhuisde naar boven en sindsdien slapen ze op de begane grond. De daarnaast gelegen kamer, die daarvoor diende als rommelhok werd verbouwd tot een ruime badkamer.
‘Weet je wat je aan wilt trekken,’ vraagt Julie?
‘Ja, dat weet ik. Hopelijk past de jurk mij nog, want het is al heel wat jaartjes geleden dat ik deze voor het laats heb gedragen.’
Samen openen ze de enorme kledingkast en laat Bella haar hand strelend over de japonnen gaan. Plots blijft haar oog rusten op een prachtige crèmekleurige zijde japon. ‘Deze is het,’ fluistert ze en Julie ziet dat ze tranen in haar ogen heeft.
‘Hij is inderdaad prachtig,’ antwoordt ze oprecht. ‘Ik begrijp dat je hem graag aan wil, maar wat is het verhaal hierachter?’
‘Dit is de japon die ik droeg toen Andreas mij ten huwelijk vroeg. We waren op een receptie geweest, ter ere van wat, dat kan ik me niet zo goed meer herinneren, maar zijn aanzoek wel. Ik wil nog graag éénmaal deze japon aan. Ik hoop zo dat hij mij nog past en niet te groot is.’
‘Laten we hem passen en mocht hij te groot zijn dan passen we dat toch even aan. Heel veel te groot zou hij niet kunnen zijn. Ik weet zeker dat je in het verleden een prachtig figuurtje had, maar vergeet niet dat je twee geweldige jongens hebt gebaard en dat je heupen zich daaraan hebben aangepast.’
‘Jij weet ook altijd overal een positieve draai aan te geven,’ glimlacht Bella.
Als ze de japon aantrekt, zit hij op twee plaatsen na, als gegoten.
‘Waar is je borduurmandje,’ vraagt Julie?
‘Daar in de hoek, maar wat wil je daar mee?’
‘Jouw japon passend maken en waar kunnen we dat mooier mee doen dan met borduurzijde in de juiste kleur en laat je deze nou juist bezitten.’
Behendig corrigeert Julie de twee naden en na de correctie is er inderdaad niets meer te zien van enige aanpassing.
‘Wat wil je dat ik met je haar doe?’
‘Ik zou het graag op willen steken en er hier en daar enkele speelse krulletjes laten uitvallen.’
Julie doet wat van haar verlangd wordt en na het verzorgen van het kapsel, brengt ze de make-up aan en lakt haar nagels. Pas als ze klaar is laat ze Bella zichzelf in de spiegel bekijken. Sprakeloos kijkt ze naar zichzelf en pakt de handen van Julie vast. ‘Dank je zus, dank je wel.’
Julie knuffelt haar zus en fluistert: ‘Je bent prachtig, geniet even van dit beeld. Ik ga alvast naar de anderen.’
Bella knikt en Julie ziet dat haar ogen vochtig worden. ‘Gaat het,’ vraagt ze bezorgt?
‘Ja wel, dit zijn tranen van geluk. Maak je maar geen zorgen.’
Zachtjes wordt er op de deur geklopt en Andreas komt de kamer in. Bewonderend staart hij zijn vrouw aan. ‘Isabella, je bent prachtig,’ fluistert hij en neemt haar zacht, om haar geen pijn te doen, in zijn armen.
‘Dank je lieverd, doet dit je aan iets denken,’ vraagt ze zacht?
‘Ja schat, dit is de japon die je droeg toen ik je ten huwelijk vroeg. Je dacht toch niet dat ik dat vergeten was?’
‘Ik weet het niet, het zou toch kunnen?’
‘Dat kan, maar ik kan mij elk bijzonder moment, die wij samen hebben beleefd nog levendig voor de geest halen en zo lang als ik leef zal ik die blijven koesteren.’
‘Kom laten we naar de andere gaan, zodat ook zij je kunnen bewonderen. Waar is Julie gebleven?’
‘Die is toen jij binnenkwam er stiekem vandoor gegaan en die is in de eetkamer vast alweer druk bezig.’
‘Vast wel, maar wij mannen hebben ook niet stil gezeten in die tussentijd. Zelfs de kinderen hebben zich nuttig gemaakt. Kom geef me je arm, zodat wij ons weer bij hen kunnen voegen.’
In de woonkamer heerst er een gezellige sfeer. De eettafel is door de heren en kinderen feestelijk gedekt en er is zelfs aan de bloemen en kaarsen gedacht. Julie staat er vol bewondering naar te kijken.
‘Wie nog éénmaal durft te zeggen dat wij mannen dit niet kunnen, doe ik wat aan,’ oppert Ferdy glimlachend.
‘Maar ik heb ook mijn best gedaan hoor en ik ben een meisje en geen jongen,’ roept Elsje.
‘Sorry, dat is waar. Jij hebt ervoor gezorgd dat de bloemen en de kaarsen op de juiste plaats werden gezet.’
‘Zo is dat,’ antwoordt Elsje trots.
Onder de kerstboom, die dit jaar voor de openslaande deuren is geplaatst, liggen de pakjes opgestapeld en zo nu en dan kijken de kinderen nieuwsgierig naar al die pakjes en gissen voor wie welk pakje is.
‘Is Bella klaar,’ vraagt Julian?
‘Ja, ze komen eraan,’ antwoordt Julie en op dat moment komen Andreas en Bella de kamer in lopen.
De jongens lopen uitgelaten naar hun moeder om haar te bewonderen. ‘Mam, zo mooi hebben we je nog nooit gezien,’ roept Andy.
‘Dank je lieverd, maar zonder de hulp van tante Julie was mij dit niet gelukt.’
Andy rent op Julie af en vliegt in haar armen. ‘We zijn zo blij dat je er bent, tante Julie,’ fluistert hij.
Julie knuffelt hem en vraagt zich af wat er nog meer in de jongen om moet gaan. Even voelt ze een wanhoop in zich op komen, maar ze is vastbesloten deze de komende dagen te verbergen. Nee, deze dagen moeten harmonieus verlopen. Daarna moeten we weer dealen met de werkelijkheid.
‘Als er iets is, beloof je dan naar me toe te komen,’ antwoordt ze zacht.
Andy knikt en geeft haar een kus. Elsje loopt naar Bella en vraagt of ze die mooie jurk mag aanraken.
‘Natuurlijk liefje, kom maar.’ Voorzichtig streelt Elsje de zijde japon. ‘De stof is mooi en warm,’ zegt ze bewonderend. ‘Hij is heel mooi, tante Bella.’
‘Als iedereen klaar is, kunnen we aan tafel,’ stelt Julian voor.
Daar zijn ze het met zijn alle mee eens. Zeker de kinderen, want na al die inspanning van vandaag is hun eetlust groot.
Na het diner en de koffie is het eindelijk tijd om de pakjes te openen en de spanning bij de kinderen bereikt het hoogste punt. Opgewonden openen ze de pakjes en bewonderen ieder cadeau dat ze krijgen met veel enthousiasme. Als alle pakjes zijn geopend zitten ze met zijn allen nog gezellig een uurtje bij elkaar, maar dan wordt het voor de kinderen tijd dat ze naar bed gaan. Dat doen ze dan ook zonder al te veel tegenspraak. De cadeaus worden verzameld en meegenomen naar hun kamer, waar ze zeker het komende uur nog bewonderd zullen worden. Andreas brengt de jongens naar boven en Julie brengt Elsje naar bed, maar voordat ze naar boven gaat bedankt ze Opa, Ferdy en tante Bella nog even voor de prachtige cadeaus die zij heeft gekregen.
Als Julie haar instopt ziet ze de ernstige blik op het gezichtje van het meisje.
‘Tante Julie…?’
‘Ja lieverd?’
‘Straks als tante Bella er niet meer is, gaat ze dan ook naar de hemel?’
‘Ik denk het wel,’ antwoordt Julie.
‘Misschien komt ze mama wel tegen en dan kan ze haar vertellen dat het goed met ons gaat, toch?’
‘Ja, dat zou fijn zijn.’
‘Ik vind het best fijn om hier te zijn. Niet dat we het thuis niet fijn hebben, maar hier zijn opa en de jongens. Maar ik vind het wel verdrietig dat tante Bella doodgaat.’
‘Dat is ook verdrietig, maar het is nog niet zover, dus moeten we ervoor zorgen dat we het fijn hebben met zijn alle. Ik denk dat het nu tijd is om lekker te gaan slapen.’
‘Ja, welterusten tante Julie.’
‘Welterusten lieve meid. Welterusten.’
Julie laat het kleine nachtlampje branden en sluit dan zachtjes de deur. Verderop in de gang hoort ze dat Andreas nog bij de jongens is en zachtjes loopt ze die richting op. Ze hoort dat hij ze welterusten wenst en dat ook hij de deur van hun kamertje sluit. Nu staan ze tegenover elkaar en vraagt hij of alles goed is met Elsje. Julie knikt en dan kijkt ze hem vragend aan. ‘Is er iets,’ vraagt hij?
‘Ik heb het idee dat de kinderen de laatste dagen erg met Bella bezig zijn. Is jou dat opgevallen?’
‘Ja, dat is mij ook opgevallen en ik denk dat het tijd is om daar open over te zijn. Ik zal het morgen met Bella bespreken. Ik vermoed dat ze de afgelopen tijd hier en daar wat gesprekken van volwassenen hebben opgevangen en daar een eigen oordeel over zijn gaan vormen. Volwassenen kunnen er ondoordacht over iets spreken, zonder dat ze in de gaten hebben dat de kinderen, waar het om gaat, dit opvangen.’
Als ze weer in de woonkamer zijn dan geeft Bella aan dat ze moe is en heel graag naar bed wil. Andreas staat direct op om haar te helpen, maar ze vraagt of Julie haar wil helpen om haar klaar te maken voor de nacht. ‘Natuurlijk, doe ik dat,’ antwoordt Julie. ‘Wacht, ik help je en geef me een arm zodat je op mij kan steunen.
Samen lopen ze naar de slaapkamer en in de grote hal blijft Bella even staan en kijkt in het rond.
‘BelIa, gaat het. Wil je even op de stoel gaan zitten?’
‘Nee, het gaat wel. Weet je, ik hou zoveel van dit huis en het doet me zoveel verdriet dat ik er straks niet meer ben. Uren hebben Andreas en ik gekibbeld over welke kleur we de hal zouden moeten geven. Ik wilde een lichte kleur, terwijl hij zijn keuze op grijs had gezet.’
‘Nou, ik kan zo zien wie de strijd heeft gewonnen,’ antwoordt Julie lachend.
‘Ja, en ik ben nog steeds blij met mijn keuze.’
‘Het is ook een rustgevende kleur, ik denk dat ik dezelfde keuze zou hebben gemaakt.’
Als ze in de slaapkamer zijn dan gaat Bella even op het bed zitten en schopt haar schoenen uit. Julie ziet dat haar voeten zijn opgezet en masseert ze zacht.
‘Waarom heb je ze niet eerder uitgeschopt?’
‘Ik had er geen erg in, totdat ik ging lopen.’
‘Wil je misschien even in bad, ik kan je helpen een bad te nemen.’
‘Zou je dat voor me willen doen?’
‘Ja natuurlijk. Blijf maar zitten dan laat ik het bad even vollopen en daarna help ik je met uitkleden en na het bad borstel ik je haar uit.’
Als ze het bad laat vollopen dan voelt ze zorgvuldig of het water niet te heet is en als het bad vol genoeg is loopt ze terug naar Bella en helpt haar uit haar japon.
Bella geniet van het warme water en haar gedachten gaan terug naar de vorige-en de afgelopen avond. Ze is blij met het voorstel van Julie om haar te helpen met het baden. Ze voelt dat ze meer en meer afhankelijk wordt van de mensen om haar heen en neemt zich voor om deze week met haar arts te praten over een einddatum. Tot nu toe had hij haar steeds voorgehouden dat die tijd er voorlopig nog niet aan zat te komen, maar Bella wist wel beter. Elke dag werd de pijn heftiger en had ze meer pijnmedicatie nodig. Ze wilde absoluut niet dat haar kinderen haar steeds verder en verder zouden zien afglijden en dat ze op het eind alleen nog maar een schim zou zijn van wie zij ooit was geweest.
‘Bella…,’ hoort ze Julie vragen? Ze opent haar ogen en ziet de bezorgde blik van haar zus.
‘Het is goed, Julie. Ik geniet van het warme water, maar ik denk dat ik nu wel lang genoeg in bad heb gelegen. Zou je me weer willen helpen?’
‘Kom maar, ik heb een voorverwarmde handdoek en je nachtkleding heb ik klaargelegd.’
Jullie helpt haar met afdrogen en aankleden en borstelt het haar van Bella zorgvuldig uit. Als ze klaar is helpt ze haar het bed in en gaat bij haar zitten.
‘Julie, in het nachtkastje ligt een pakje. Zou je mij dat willen geven?’
Julie zoekt in het kastje maar kan het niet direct vinden. ‘Weet je zeker dat het hierin ligt?’
‘Ja, in de onderste lade, helemaal achterin.’
Opnieuw trekt Julie de onderste lade open en doorzoekt deze. Plots vindt ze inderdaad een klein doosje dat ze Bella overhandigt.
‘Dit is mijn kerstgeschenk aan jou. Als dank voor alles wat je voor ons doet. Ik weet het, je doet dit uit liefde, maar dit geschenk geef ik jou uit liefde. Binnenkort zal ik er niet meer zijn en ik wil je graag iets geven waar je voor de rest van je leven plezier van zal hebben en zo nu en dan aan mij zal blijven denken.’
‘Maar we hadden toch afgesproken dat wij als volwassenen elkaar geen geschenken zouden geven.’
‘Dat klopt, maar ik weet maar al te goed waarom die regel is ingesteld. Wat zou men een stervende moeten geven, toch?’
Zwijgend kijkt Julie haar aan in de wetenschap dat dat inderdaad de reden was geweest om elkaar dit jaar geen cadeaus te geven. Blijkbaar was Bella al veel verder met het afscheid nemen dan zij. ‘Ik weet niet zo goed wat ik moet antwoorden,’ fluistert ze.
‘Dat hoeft niet, maak het pakje maar open.’
Julie wikkelt het cadeaupapier van het pakje en merkt dat haar handen enigszins trillen. Er komt een zacht fluweeldoosje naar voren en als ze het opent ziet ze een paar prachtige diamanten oorbellen.
‘Bella, dit kan ik echt niet aannemen. Die zijn veel te kostbaar.’
‘Jij bent kostbaar, niet die oorbellen. Dat is maar geld dat je niet mee kan nemen in je graf. Heb jij ooit een lijkwade gezien met zakken. Nee schat hiermee probeer ik te zeggen dat ik van je hou en hoop dat ik voor de rest van je leven een plekje in je hart hebt veroverd.’
‘Bella, jij hebt geen plekje, maar een hele kamer van mijn hart. En geloof me, dat zeg ik heus niet omdat ik deze van je krijg. Nee, dat zeg ik omdat ook ik van je hou en omdat je mijn zusje bent. Nu moet ik stoppen, anders ga ik huilen.’
‘Doe dat nog maar even niet. Daar krijg je nog genoeg tijd voor. Beloof me dat je goed naar je hart zal luisteren en daar bedoel ik met name de liefde mee. Wordt gelukkig met degene, die ook met hart en ziel van jou houdt, wie of dat ook zou mogen zijn.’
Julie kijkt haar nadenkend aan en begrijpt niet goed wat ze daar mee bedoeld. Ze knuffelt haar zus en stopt haar toe, net zoals ze een uurtje geleden Elsje had toegestopt. De slaapkamerdeur gaat open en Andreas vraagt of ze misschien hulp nodig hebben.
‘Nee lieverd, Julie en ik hadden nog even een onderonsje tussen zusjes,’ antwoordt Bella. ‘Maar nu wil ik graag gaan slapen. Welterusten en tot morgen.’
‘Welterusten,’ fluistert Julie en loopt de kamer uit.
Andreas loopt nog even naar Bella en vraagt: ‘Weet je zeker dat het goed gaat?’
‘Ja echt, maar nu ben ik erg moe. Morgen praten we verder.’
Andreas kust haar innig en verlaat dan ook de slaapkamer. In de huiskamer kijkt hij Julie vragend aan, maar die laat niets los van hetgeen in de slaapkamer is voorgevallen. Wel laat ze de heren het geschenk zien dat Bella haar heeft geschonken. ‘Deze zijn je gegund lieverd,’ fluistert haar vader in haar oor.
Einde Deel 6
