Tussen verleden en toekomst

Deel 4

 

De Tegenslag

Zenuwachtig staat Julie voor het raam. Ferdy had haar vanmorgen gebeld en haar vertelt dat er zich plotseling nieuwe ontwikkelingen in de adoptieprocedure hadden voorgedaan. Deze wilde hij haar niet telefonisch mededelen. Hij zou haar om een uur of drie bij haar thuis treffen. Ze had nog even gevraagd of hij haar echt niet iets meer kon vertellen, maar hij had ernstig gezegd dat hij haar het nieuws liever persoonlijk wilde uitleggen.

De afgelopen weken hadden ze elkaar beter leren kennen en is er een hechte vriendschap tussen hen ontstaan. Soms vroeg ze zich af of het van zijn kant niet meer was dan alleen vriendschap. Ook de band met de overige familieleden was hechter geworden. Bella werd langzamerhand steeds zieker, maar ze droeg haar lijden bewonderingswaardig. Even glimlacht Julie als ze terugdenkt aan de dag dat ze haar haar kostbaarheden had teruggegeven. De bewondering op het gezicht van Bella zou ze nooit meer kunnen vergeten. Trots had ze de sieraden bekeken en vergeleken met de ontwerpen, die zij zelf had ontworpen en aan Julie had meegegeven, om ze in de sieraden te verwerken. ‘Je bent een ware kunstenaar,’ had ze gefluisterd. ‘Je moet absoluut snel eens kennismaken met mijn vader. Ik weet zeker dat je een goede sparringpartner aan hem hebt. Hij is dol op ontwerpen die persoonlijke eigenschappen bevatten.’

Tot nu toe had ze de man nog niet in levenden lijve mogen ontmoeten, maar daar zou zondag een einde aankomen. Andreas had haar namelijk gevraagd of zij en Ferdy een weekend op de kinderen wilde passen. Hij wilde Bella heel graag verrassen en haar meenemen naar één plek die voor hen beide heel speciaal was geweest. Vanzelfsprekend had zij daarin toegestemd en hem verteld dat hij dat beslist moest doen.  Elsje was buiten zinnen geweest toen zij vertelde dat ze een weekend uit logeren zouden gaan in het huis van Andreas en Bella. Ook zij kon het inmiddels goed met het gezin vinden en hoe vreemd het ook klinkt, ze kon zich niet meer voorstellen dat het gezin geen deel meer zou uitmaken van haar leven. Bella en zij konden uren met elkaar kletsen, maar er waren ook momenten dat ze uren naast elkaar zaten, zonder dat er maar één woord werd gewisseld.

Plots wordt ze uit haar gedachten gehaald door de deurbel en beseft dat Ferdy is aangekomen. Haar hart gaat als een razende tekeer. Ze begroeten elkaar hartelijk, maar Julie kan aan zijn gezicht zien dat er iets ernstigs aan de hand moet zijn.

‘Er is toch niets met Bella aan de hand,’ vraagt ze?

‘Met Bella, hoe kom je daarbij?’

‘Je kijkt zo ernstig.’

‘Nee, het heeft niets met Bella vandoen. Er zijn nieuwe ontwikkelingen in de adoptieprocedure. De grootouders van Elsje zijn plots tot de slotsom gekomen dat zij de kleine meid toch zelf willen opvoeden.’

‘De grootouders, maar zij hadden toch alle rechten verworpen. Ik heb je die mail toch gegeven.’

‘Ja, dat heb je, maar die is niet rechtsgeldig. De grootouders hebben te kennen gegeven dat zij hebben gereageerd in een shocktoestand.’

‘Je moet er dus ernstig rekening mee houden dat dit de procedure kan vertragen of in het ernstigste geval dat je deze verliest. Ik ga vanzelfsprekend mijn best doen om je te helpen, maar we moeten wel realistisch blijven.’

‘Waarom willen zij haar nu opeens wel, terwijl ze haar niet één keer hebben ontmoet. Geld is er niet te winnen.’

Ik heb geen idee waarom, maar geloof me, dit wordt geen fijn gevecht.’

‘Hoe moet ik dat aan de kleine meid vertellen. Ze heeft geen idee, wie of die mensen zijn.’

‘Wil je dat ik je daarbij help?’

‘Graag, maar laten we eerst van het weekend genieten, daar verheugt ze zich enorm op.’

‘Sorry, ik heb je nog niets te drinken aangeboden.’

‘Heb je iets sterkers in huis dan thee of koffie, ik ben daar wel aan toe.’

‘Ja, in de kast staat vast iets dat je kan behagen.

Voordat ze het gesprek kunnen hervatten komt de kleine meid binnen wandelen en rent enthousiast

 op Ferdy af.

‘Nou nou, dat is nog eens een begroeting.  Hoe was het op school,’ vraagt hij?

‘Leuk, we hebben een heel leuk spel gespeeld. Dat heet ‘De vloer is lava’, zullen we dat spelen?

‘Nou lieverd, ik denk dat tante Julie dat niet zo fijn vindt. Stel je voor dat we haar meubeltjes ruïneren.’

‘Oh ja, daar had ik even niet aan gedacht,’ antwoordt de kleine wijselijk.

Ferdy kijkt Julie bezorgt aan en vraagt: ‘Gaat het? Ik moet helaas gaan omdat ik om vier uur nog een afspraak heb, maar zondag zien we elkaar weer. Mocht je me nodig hebben, bel me dan.’

Julie knikt en laat hem uit. Even raakt hij haar gezicht aan en geeft haar een lichte kus.’

‘Maak je niet te veel zorgen, we doen alles om je te helpen de kleine meid te behouden.’

‘Dat weet ik, dank je. Tot vrijdag.’

Ze sluit de deur achter hem en even blijft ze radeloos in de gang staan.

De ontmoeting

‘Mocht er iets zijn, dan weet je me te bereiken toch,’ vraagt Julie aan haar vriendin Sally?

Sally is één van haar vrienden waar Julie altijd een beroep op kan doen, om voor even haar taken in de winkel van haar over te nemen. Ze voelt zich rijk met zulke fijne mensen om zich heen. Het groepje vrienden hadden elkaar leren kennen op de academie en tot op de dag van vandaag zijn ze nog steeds bevriend en niet te beroerd om elkaar te helpen. Tijdens de periode dat Julie voor haar moeder zorgde waren zij van onschatbare waarde voor haar geweest.

‘Ga jij nou maar van je weekend en de kleine meid genieten, wat kan hier nou verkeerd gaan. Heus alles komt goed. Ga maar gauw,’ spoort Sally haar vriendin aan.

‘Dank je voor je hulp, Sally,’ antwoordt Julie.

‘Kom lieverd, we gaan,’ moedigt Jullie Elsje aan.

Die laat zich dat geen tweede keer zeggen en rent naar de deur, maar dan blijft ze even staan en rent terug om Sally een knuffel te geven. ‘Dank je wel tante Sally,’ fluistert ze.

‘Ben je er klaar voor Elsje?’

‘Ja natuurlijk, laten we snel naar Andy en Nicky gaan, die zitten vast al op ons te wachten.’

Julie groet haar vriendin nogmaals en stapt, nadat ze Elsje in haar stoeltje heeft vastgezet, in de auto.

 

Als ze aan het eind van de rit de oprijlaan van de villa oprijdt valt het haar op hoe vertrouwd deze haar inmiddels is geworden. Maar ze is er zich ook van bewust wat voor een leed zich achter deze ramen afspeelt. Hopelijk voelt Bella zich goed genoeg om van dit weekend te genieten. Ze had met Andreas te doen. Nog geen enkele keer had ze hem gehoord over het onrecht dat hen overkwam. Toch had ze een aantal keren zijn bezorgde blikken richting zijn gezin gezien. Eenmaal hadden hun blikken elkaar gekruist en had hij snel zijn blik afgewend.

Julie parkeert haar auto op de voor haar bekende plek, maar voordat ze de auto kon uitstappen staan de twee jongens al ongeduldig te trappelen om haar en Elsje te begroeten.

De kinderen zijn door het dolle heen en rennen opgewonden het huis in. Ferdy komt op haar aflopen en begroet haar. ‘Zal ik je maar even helpen met je bagage?’

‘Graag, dank je. Hoe is het met Bella en Andreas?’

‘Goed, zo goed zelfs dat ze vanmorgen al zijn vertrokken. Ik moet je de groetjes over brengen en je kussen, maar dat zal je vast niet toestaan?’

Julie lacht hem toe: ‘Jij zal ook geen kans voorbij laten gaan hè?’

‘Ach, ik kan het toch proberen. Trouwens, vanavond hebben we een extra gast. De vader van Bella komt bij ons eten. Denk je dat dat je gaat lukken, of moeten we iets laten bezorgen?’

‘Doe niet zo mal, natuurlijk gaat ons dat lukken, met de nadruk op ons,’ antwoordt Julie.

‘Ik wist dat je dat zou zeggen en ben al zo vrij geweest om alvast wat voorbereidingen te treffen.’

‘Je bent al aardig afgericht. Laat me zo maar zien wat we gaan eten, maar ik wil eerst wel even iets drinken.’

‘Oké, ik breng je bagage even naar boven. Schenk jij intussen iets voor ons in, dan drinken we wat en gaan daarna aan de slag.’

Julie kijkt hem na en het verbaast haar dat ze zo gemoedelijk met elkaar om gaan. Of veranderen haar gevoelens ten opzichte van hem. Ze heeft hem graag om zich heen, maar de grote verliefdheid die zij eens voor Jack voelde was totaal anders. Die was heftig en gepassioneerd geweest en totaal niet te vergelijken met de gevoelens die zij nu voor Ferdy voelde. Had ze misschien de liefde zover verdrongen dat ze daar niet meer toe in staat was of was hij toch niet de persoon waar ze haar leven mee zou willen delen, of doet zo’n heftige verliefdheid zich maar één keer in een mensenleven voor. Diep ingedachte schonk ze voor haarzelf een glas rosé in en voor hem een whisky.

‘Een penny voor je gedachte,’ hoort ze het onderwerp die haar bezig houdt plots zeggen.

‘Misschien vertel ik je dat later nog wel eens en dan verdubbelen we het bedrag,’ antwoordt ze lachend.

‘Daar hou ik je aan. Hoe gaat het, maak je je veel zorgen,’ vraagt hij bezorgt.

‘Ik maak me wel zorgen, maar meer ook om de kleine meid. Stel je voor dat ze naar haar grootouders zou moeten vertrekken. Ik heb geen idee, hoe zij daarop zal gaan reageren en zijn die mensen wel in staat haar op te voeden?’

‘Ik kan je op die vragen geen antwoordt geven en hoop maar dat het niet zover zal komen. Ik ben zelfs in staat om met je te trouwen, om haar bij jou te houden.’

‘Dat meen je niet, is dit soms een verkapt huwelijksaanzoek,’ vraagt Julie verbaast.

‘Ach, ik ben een praktisch mens. Zo erg zou het toch niet zijn om met mij getrouwd te zijn?’

‘Ferdy, je bent gek. Laten we naar de keuken gaan zodat we voor het eten kunnen gaan zorgen.’

‘Gek of niet, je kunt het me niet kwalijk nemen dat ik het waag je die vraag te stellen.’

 

‘Opa…, opa…,’ roepen de jongens en Julie ziet een man de tuin in lopen. Ferdy staat op en loopt naar de man en begroet hem vriendelijk.

Julie observeert de man aandachtig en ze schat hem rond de 65 jaar. Zijn haren zijn zilvergrijs en zijn bewegingen zijn rustig. Met zijn vriendelijke ogen kijkt hij de kinderen liefdevol aan en knuffelt ze één voor één. Zijn uiterlijk doet haar denken aan die oude filmster waar haar moeder altijd weg van was. Hoe heette die nou ook alweer, gaat het door haar heen. Oh ja, Sean Connery. Mam kon er geen genoeg van krijgen om naar zijn films te kijken. Deze man zou haar zeker zijn bevallen, denkt ze en even glimlacht ze om haar eigen gedachten. Zijn nonchalante houding geeft hem een jeugdige aanblik en hij zal zeker niet alleen in het verleden, maar ook nu nog menig vrouwenhart op hol brengen. Daar was Julie vrijwel zeker van en ze moet toegeven dat zijn charismatische houding ook haar enigszins van slag brengt. Ik ben benieuwd of hij in werkelijkheid echt zo vriendelijk en voorkomend is, vraagt ze zich af?

Daar zou ze snel achter komen want het onderwerp van haar gedachten komt de keuken binnen wandelen met aan zijn hand Elsje die hem meetrekt om hem kennis te laten maken met haar tante Julie.

‘Kijk tante Julie, dit is opa.  Ik mag hem opa noemen.’

‘Hallo Julie, fijn om eindelijk eens kennis te mogen maken met de vrouw die zo’n enorme steun voor mijn dochter is. Ik ben Julian van Bodegraven.’

Julie moet even slikken en verlegen pakt ze zijn hand en fluistert: ‘Julie Verstraten.’

Even kijkt hij haar nieuwsgierig aan, maar herstelt zich snel en richt zich weer tot de kinderen die hem met zich meetrekken de tuin in.

Even draait Julian zich om en haalt zijn schouders op. Ferdy vraagt de kinderen om opa even zijn rust te gunnen zodat hij in alle rust een drankje kan gebruiken.

‘Krijgen wij dan een cola,’ vraagt Nicky?

‘Jullie weten best dat jullie ouders dat helemaal niet goed vinden, maar oké voor deze keer, krijgen jullie een glas cola.’

De kinderen zijn door het dolle heen en gaan rustig aan de tafel zitten. Julian vraagt of hij kan helpen, maar Ferdy antwoordt dat ze alles onder controle hebben.

Na een uurtje staat het eten op tafel en wordt er gezellig met zijn alle gegeten. De kinderen hebben het hoogste woord en vragen Opa als het ware het hemd van het lijf, om te vertellen over zijn reis en zijn avonturen.

Na anderhalf uur gaat het gezelschap nog wat nagenieten in de tuin en Julie besluit dat zij de vuile vaat in de machine gaat plaatsen en daarna voor de koffie zal zorgen.

‘Schat, weet je zeker dat je dat alleen wil doen. Ik wil je met alle liefde helpen hoor,’ oppert Ferdy.

‘Nee echt, ga jij maar naar de tuin met het kroost,’ antwoordt Julie die niet eens zijn liefdevolle reactie opmerkt.

Terwijl ze de vuile vaat in de machine opbergt gaan haar gedachten terug naar haar jeugd en vraagt zich opnieuw af hoe of de verhouding tussen haar ouders werkelijk was. Met de onthulling die zij over haar moeder had ontdekt vroeg ze zich af hoe haar ouders in werkelijkheid tegenover elkaar stonden. Toegegeven, ze had nooit gemerkt dat er onenigheid tussen haar ouders was geweest, maar ze had wel altijd gevoeld dat haar vader van nature een afstandelijk man was geweest. Was dat de reden dat haar moeder zich tot een andere man aangetrokken had gevoeld? Als het ware op de automatisch pilot ruimde zij de keuken op en had niet eens in de gaten dat Ferdy haar stond te observeren.

‘Ik denk dat het bedrag wel heel erg hoog wordt als ik je opnieuw vraag, waar je aan denkt.’

Ze schrikt op uit haar mijmeringen en kijkt hem lachend aan. ‘Ik ben bang dat je dat bedrag niet eens kunt betalen,’ antwoordt ze.

‘Misschien moet ik een bijbaantje gaan zoeken.’

‘Dat zou kunnen, maar misschien is het beter dat ik mijn gedachten voor mijzelf houd. De koffie is klaar, wil jij de chocolademelk voor de kinderen mee nemen?’

 

De kinderen zijn door het dolle heen als ze merken dat er ook nog een stuk appeltaart wordt geserveerd. Als de schemering invalt besluit Julie dat het voor de kinderen tijd is om naar bed te gaan.

Na wat tegensputteren gaat ze met de kinderen naar boven en na het douchen en het poetsen van hun tanden leest ze hen nog wat voor uit hun lievelingsboek. Elsje kruipt dicht tegen haar aan en ze voelt de warmte van het kleine meisje door haar lichaam stromen. Even duizelt het haar en bekruipt haar de angst dat zij haar binnenkort gaat verliezen. Na een knuffel kruipen de jongens in hun bedje en ze wenst ze goede nacht. Elsje brengt ze naar haar bedje in de door hen gedeelde kamer.

‘Welterusten mama,’ fluistert ze zacht.

‘Welterusten lieverd,’ antwoordt Julie met tranen in haar ogen en kijkt het kleine meisje, dat onmiddellijk in slaap valt, teder aan.

 

Beneden treft ze Ferdy alleen in de woonkamer aan. ‘Is Julian nog in de tuin,’ vraagt ze zacht.

‘Nee, hij was moe en is naar huis gegaan. Ik moet je bedanken voor de fijne middag en laat vragen of wij morgenmiddag bij hem thuis wat komen drinken.’

‘Gezellig, alleen jammer dat hij al zo snel naar huis is gegaan. Ik had hem graag nog wat beter leren kennen.’

‘Ja dat effect heeft die man nou altijd bij de vrouwen. Ik heb al eens aan hem gevraagd hoe hij dat toch doet, maar dat geheim wil hij niet delen,’ antwoordt Ferdy vrolijk.

‘Nou jij kan er zelf ook wat van,’ is het enige antwoordt dat Jullie hem geeft en lachend kijkt hij haar aan.

‘Slapen ze?’

‘Als een roos, ze waren doodop.’

‘Lieverd, ik moet nog wat werken en hoop dat je het me niet kwalijk zult nemen. Maandag heb ik een zitting waar ik mij nog even in moet verdiepen.’

‘Nee, natuurlijk niet. Ik denk dat ik nog even met de hond naar buiten ga. Welterusten voor straks.’

‘Welterusten,’ is zijn antwoord. Hij kijkt haar na en voor de zoveelste keer deze dag vraagt hij zich af wat er nu werkelijk in haar hoofd omgaat.

Julie loopt met de hond door het groen dat zich rondom het huis bevindt en opnieuw probeert ze haar gevoelens te ontleden. Achter de ramen in het grote huis ziet ze nog licht branden en ze vraagt zich af wat de oude man aan het doen is. Plots ziet ze zijn gestalte voor het raam verschijnen. Hij is dus nog niet naar zijn bed, gaat het door haar heen. Waarom is hij dan zo vroeg vertrokken en waarom heeft hij niet even gewacht om haar gedag te zeggen?

De hond die blijkbaar genoeg van haar zwijgen heeft blaft haar vrolijk toe en draait om haar heen.

‘Ik begrijp het, jij hebt liever een maatje dat meer tegen je babbelt. Sorry.’

Liefdevol drukt hij zijn snuit tegen haar hand en Julie aait hem zacht over zijn zachte kop.

‘Hij is niet gewend om in alle rust hier rond te dwalen, meestal rent hij achter stokken aan,’ hoort Julie plots achter zich.

‘Och sorry, hebben wij je gestoord?’

‘In tegendeel, ik heb wat naar muziek zitten luisteren. Jij moet inmiddels ook wel moe zijn, kan ik je misschien een kopje thee aanbieden of iets sterkers?’

Julie kijkt hem aan en besluit om op zijn aanbod in te gaan. ‘Ik zou best wel een kopje thee lusten. Ten minste als het niet te veel moeite kost.’

‘Natuurlijk niet, kom verder. Kom Boris, we gaan ervoor zorgen dat onze vriendin een rustgevend kopje thee krijgt.’

Boris laat zich dat geen tweede keer zeggen en rent naar het huis. Als Julie de hal betreedt kijkt ze bewonderend om zich heen naar de prachtige kunstvoorwerpen en de enorme kroonluchter die in de koepelvormige hal hangt. De trap aan weerszijde doet haar denken aan een oude film waar zij als kind gek op was.

‘Ik zie dat het interieur in je smaak valt,’ glimlacht hij.

‘Het is fantastisch, ik heb nog nooit zoiets moois gezien. Ja in een museum, maar ik…’

‘Kom verder, als je dit al mooi vindt dan zal ik je straks de salon laten zien. Maar eerst maak ik een kop thee voor ons.’

In de moderne keuken maakt Julian een pot kamillethee en neemt deze mee naar de huiskamer, die hij zo even ouderwets de salon had genoemd. Ook daar kijkt Julie haar ogen uit en dan blijft haar blik op het oude schilderij aan de schouw rusten.

‘Schik maar niet van de koude blik in de ogen van mijn overgrootmoeder. Daar zit een verhaal achter. Neem plaats en geniet van je kop thee.’

Terwijl ze samen de thee nuttigen en hij haar het één en ander over het huis vertelt, dwaalt haar blik telkens terug naar het schilderij. Voorzichtig zet ze het porseleinen kopje neer en staat op.

‘Dat collier dat u overgrootmoeder draagt. Kunt u mij daar meer over vertellen?’

Julian kijkt haar gespannen aan. ‘Wat wil je erover weten?

‘Is het nog in uw bezit?’

‘Nee, het is in het bezit van iemand waar ik heel veel van heb gehouden. Helaas is ze overleden en wat er na haar overlijden met het collier is gebeurd, dat weet ik niet.’

‘Ze heeft het nagelaten aan haar dochter,’ fluistert Julie. ‘Ik heb het gevonden in een doos met brieven, die afkomstig waren van haar minnaar. Ik heb getracht te achterhalen van wie het afkomstig was, maar heb helaas de eigenaar niet kunnen achterhalen. De eigenaar, die tevens mijn biologische vader is.’

‘Jij bent Juliette, mijn dochter, vraagt hij zacht en nauwelijks hoorbaar.’

Enkele minuten is het stil en kijken de twee elkaar ongelukkig aan. Julie zucht diep en antwoordt:

‘Ja Nicolien Verstraten was mijn moeder.’

Julian kijkt haar verbijstert aan en gaat weer zitten. Hij voelt zijn hart als een razende te keer gaan en het zweet breekt hem uit. Bezorgt loopt Julie naar hem toe. ‘Gaat het wel?’

‘Sorry, ik moet even bekomen van…’

‘Van de schrik,’ vraagt Julie?

‘Ook, maar meer van verbazing om deze speling van het lot.’

‘Ja, zeg dat wel. Ik kan niet geloven dat ik u gevonden heb. Uit geen van uw brieven heb ik kunnen opmaken waar ik u zou kunnen vinden.’

‘Heb je ze allemaal gelezen,’ vraagt hij verbaast?

‘Ja…, allemaal en u hoeft zich niet te schamen. Ze waren prachtig. Soms vond ik het wel jammer dat ik niet wist wat moeder u had geschreven.’

‘Zou je dat willen weten? Ik heb ze, net als jouw moeder, allemaal bewaard.’

‘Ik weet het niet, deze ontdekking is meer dan genoeg voor één dag.’

‘We hebben Bella heel wat uit te leggen als ze na dit weekend thuiskomt.’

‘U wilt het haar vertellen?’

‘Ja natuurlijk gaan we haar dat vertellen en ik weet zeker dat ze verrukt zal zijn over het feit dat jij haar zus bent. Wil je dat ik je het verhaal dat achter het collier schuilgaat nog horen?’

‘Heel graag!’

‘Oké, maar dan schenk ik ons eerst wel iets sterkers in,’ oppert hij en schenkt voor hen beide een glas cognac in. ‘Mijn overgrootvader ging met de regelmaat van de klok vreemd en mijn overgrootmoeder was daarvan op de hoogte, maar deed alsof ze van niets wist. Iedere keer als zijn geweten hem dan partte speelde kwam hij met een prachtig sieraad thuis. Op een dag kwam hij met het collier thuis en eiste van mijn overgrootmoeder dat zij zich samen met het collier liet vereeuwigen. Inmiddels was zij de affaires behoorlijk zat en dat vertelde zij hem ook. Hij dreigde dat hij haar zou verstoten en berooid zou achterlaten. De vrouw kon dus geen kant meer op en gaf haar man zijn zin. Ze werd samen met het collier vereeuwigd op het portret, maar ze weigerde er als een beminde glimlachende vrouw te worden afgebeeld. Vandaar die ijskoude blik waarmee zij ons vanaf het portret aankijkt. Er zijn maar weinig mensen die de waarheid kennen. Dit portret is voor mij bijzonder en met haar ijskoude blik straft zij mij af voor hetgeen waar ook ik mij schuldig aan heb gemaakt.’

‘Maar waarom heeft u het collier dan aan mijn moeder gegeven?’

‘Misschien hoopte ik hiermee een keerzijde aan de geschiedenis te geven. Ik gaf het aan mijn minnares in plaats van aan mijn echtgenote. Ik weet het, het is stom.’

Julie moet lachen en antwoordt: ‘Ja, een beetje wel.’

‘Heb je echt gezocht naar de herkomst van het collier?’

‘Ja, ik heb uren met mijn neus in de boeken gezeten om de herkomst te vinden, maar helaas.’

‘Dat klopt. Alle andere sieraden die mijn overgrootmoeder in haar bezit had werden gedocumenteerd, maar deze niet. Na het poseren heeft ze het sieraad nooit meer gedragen. Het is zondermeer een buitengewoon prachtig collier en stiekem was mijn overgrootmoeder er dol op. Na haar dood ging het over naar mijn oma en zij vertelde mij het verhaal. Samen hebben we ons dikwijls over het sieraad gebogen omdat het van uitstekende kwaliteit is en als je de schakels leert lezen dan zie je er de familiegeschiedenis in terug. Het is een onvervangbaar exemplaar.’

‘Dat ben ik met u eens, maar het is er niet de tijd meer voor om zo’n bijzonder sieraad te dragen. Wilt u het terug?’

‘Nee, misschien moet je het verkopen en de opbrengst ergens anders voor gebruiken. Het wordt tijd dat het zijn waarde gaat verzilveren. Wat denk je?’

‘Misschien, maar als het zo’n belangrijk familie stuk is, dan ben ik van mening dat het in de familie moet blijven. Misschien kunt u het tentoon laten stellen, maar laten we het daar later eens over hebben. Het is tijd dat ik ga, Ferdy zal niet weten waar ik blijf.’

‘Speelt er iets tussen jullie?’

‘Ik weet het niet…,’ antwoordt Julie aarzelend. ‘Welterusten pa,’ gapt ze.

‘Welterusten kind, slaap lekker.’

Hij loopt met haar mee naar de deur en Julie loopt in alle rust naar het naast gelegen huis van Andreas en Bella. Ze ontdekt dat Ferdy nog steeds druk aan het werk is en zachtjes loopt ze naar de slaapkamer waar ze even later haar bed inkruip en al snel in een diepe slaap wegzinkt.

 

‘Goedemorgen tante Julie, wakker worden. Het wordt weer een mooie dag,’ hoort Julie in de verte roepen. Ze heeft moeite om uit een diepe slaap wakker te worden en als ze haar ogen opent kijken de kinderen haar lachend aan.

‘Kom tante Julie, de ontbijttafel is al lang gedekt en oom Ferdy maakt pannenkoekjes voor ons. Wat bent u een slaapkop zeg,’ roept Nicky haar toe. ‘Kom nou, opschieten.’

‘Ja…, ja…, ik kom eraan,’ antwoordt Julie.

Snel pakt ze haar ochtendjas die zij over haar half naakte lichaam laat glijden en koestert de zijde die zich om haar lichaam wikkelt. Even heeft ze spijt van haar keuze om nu juist deze zijde ochtendjas in haar koffer te hebben gestopt. Ze kijkt in het rond om te kijken waar zij gisteravond haar kleren had neergelegd, maar dan herinnert ze zich dat ze deze in de wasmand had gestopt. Nou ja, dan moet ik maar even in deze jas naar beneden gaan.

‘Eindelijk, daar ben je dan,’ begroet Ferdy haar.

‘Sorry, goedemorgen. Kan ik wat doen?’

‘Nee…, ga maar zitten. Ik heb alles al klaargezet,’ antwoordt Ferdy die haar met een begerende blik van top tot teen opneemt.

‘Sorry, ik had mij eerst moeten aankleden,’ mompelt ze.

‘Je hoort mij niet klagen hoor,’ antwoordt hij lachend.

‘Ja, ik begrijp je.’ En Julie besluit om na het ontbijt zich snel te gaan aankleden. Langzaam komen de herinneringen aan de vorige avond boven en diep in gedachten tuurt ze naar buiten waar de zon al volop aanwezig is.

‘Mogen we van tafel,’ hoort ze plots.

Van schik laat ze haar mes uit haar handen vallen en Ferdy kijkt haar bedenkelijk aan.

‘Jullie mogen van tafel,’ geeft hij antwoordt op de vraag van de kinderen. ‘Maar pas op, geen kattenkwaad uithalen.’

Opgewonden springen de kinderen op en rennen naar buiten en zwijgend ontbijten de volwassenen verder. ‘Goed geslapen,’ vraagt hij voorzichtig.

‘Ja, dank je en jij?’

‘Prima.’

‘Heb je het nog laat gemaakt gisteravond. Toen ik terugkwam van mijn rondje was je nog steeds aan het werk,’ vraagt Julie om het gesprek opgang te brengen en een andere richting in te sturen in de hoop dat hij haar niet zou vragen wat haar toch zo bezig hield.

‘Nee, ik heb je thuis horen komen en vlak daarna heb ik de boel afgesloten en ben ik ook naar mijn bed gegaan. Ik heb trouwens nog een appje gekregen van Andreas. Ik moet je de groeten doen en melden dat alles goed met ze gaat. Ze genieten enorm en denken morgen aan het eind van de dag weer thuis te zijn.’

‘Fijn, ik wil nu graag eerst naar boven om te douchen en mij aan te kleden,’ antwoordt ze voorzichtig.

‘Prima, ga maar. Ik zie dat je je ongemakkelijk voelt.’

‘Sorry.’

‘Geen probleem,’ grijnst hij.

Julie loopt de keuken uit en gaat snel naar de logeerkamer om zich zo snel mogelijk op te frissen.

 

‘Nou…, jij laat je wel heel snel strikken, hoort Ferdy een lachende Julian achter zich roepen.

‘Goedemorgen Julian, zo vroeg al uit de veren. Zat de duivel op je hielen?’

‘Zoiets ja. Heb je nog iets te eten voor deze oude baas?’

‘Ga je gang, wil je er koffie of thee?

‘Nou een kop koffie gaat er wel in. Heb je al iets gehoord van Andreas?’

‘Ja, alles is goed. Morgen aan het eind van de dag zijn ze weer terug.’

‘Waar is Julie?’

‘Boven, gaan douchen en wakker worden.’

‘Hoezo, heeft ze niet geslapen dan?’

‘Geen idee, ik denk dat ze zich zorgen maakt over de adoptieprocedure.’

‘Is daar reden toe?’

‘Ik ben bang van wel en ik geloof niet dat ik er iets tegen kan doen. De kans is groot dat ze haar verliest en snel ook.’

‘Zo erg?’

Ferdy knikt en haalt moedeloos zijn schouders op.

‘Mijn enige hoop is dat ik de leeftijd van de grootouders kan aanvoeren, maar de rechter kan dat argument verwerpen.’

‘Weet de kleine dat de kans erin zit dat ze naar haar grootouders moet. Gisteren vertelde ze mij namelijk dat zij geen opa en oma heeft.’

‘Nee, dat weet ze nog niet. Julie wil haar dit na dit weekend vertellen.’

‘Hoe zit het tussen jullie twee?’

‘Wat bedoel je?’

‘Kom Ferdy, je bent toch geen kleuter. Ik bedoel spelen er gevoelens tussen jullie?’

‘Nu klink je net als een vader voor zijn dochter. Ja, ik vind haar aantrekkelijk en ik denk dat ik verliefd op haar ben, maar of dit wederzijds is weet ik niet?’

‘Duidelijk.’

‘Wat bedoel je, met duidelijk?’

‘Ik vind het grappig hoe jullie om elkaar heen draaien. Het lijkt erop dat geen van jullie twee weten wat jullie nu eigenlijk werkelijk voor elkaar voelen. Maar gezien de situatie, denk ik dat het verstandig is daar heel voorzichtig mee om te gaan. Zeker met het oog op de adoptieprocedure.’

‘Weet je Julian, je hebt gelijk, je hebt volkomen gelijk.’

 

De zaterdag verloopt gezellig en voor vandaag zondag, staat er een bezoek aan de dierentuin gepland. De kinderen rennen van de ene naar de andere kooi. Elsje staat gefascineerd naar de flamingo’s te kijken en roept: ‘Kijk nou…, kijk nou…, dat zijn mijn lievelingsdieren.’

‘Stomme vogels. Ze doen niets anders dan op één poot staan,’ roept Nicky.

‘Je bent zelf stom. Ze zijn heel mooi roze,’ zegt Elsje nijdig.

‘Daarom zijn het zeker jouw lievelingsdieren omdat ze roze zijn!’

‘Nou en…?’

Al snel zijn ze weer verder op pad en als ze langs de pinguïns komen roept Elsje opnieuw: ‘Kijk nou…, kijk nou…, dat zijn mijn lievelingsdieren. Zijn ze niet mooi?’

‘En daarnet waren de flamingo’s je lievelingsdieren. Jij weet ook niet wat je wil,’ begint Nicky opnieuw.

‘Nou en, je kan toch twee lievelingsdieren hebben.’

‘Meisjes…,’ zucht hij en rent naar zijn broer die even verderop de ijsberen staat te bewonderen.

Julie zit op een bankje en geniet van het plezier dat de kinderen hebben. Ferdy neemt naast haar plaats en vraagt of ze moe is.

‘Nee, totaal niet. Ik geniet er zo van dat de kinderen het naar hun zin hebben.’

Even kijken ze zwijgend naar de kinderen en zijn beide verzonken in hun eigen gedachten.

Plots kijkt Ferdy haar aan en vraagt: ‘Wil jij kinderen van jezelf?’

Verbaast kijkt Julie hem aan en antwoordt: ‘Waar komt deze vraag zo plots vandaan.’

‘Wil je ze,’ vraagt hij nogmaals.

‘Misschien, de klok tikt door en op een gegeven moment moet je je gaan afvragen of het nog wel verstandig is. Een kind is meer dan een auto die je uitkiest en weer inruilt.’

‘Stel dat je de procedure verliest en alleen achterblijft.’

‘Denk je dat we gaan verliezen?’

‘Lieverd, die kans zit erin. Haar grootouders zijn vermogend en ze kunnen haar alles bieden.’

Zwijgend kijkt Julie voor zich uit en Ferdy ziet de tranen gevaarlijk in haar ogen prikken. Voorzichtig schuift hij wat dichter naar haar toe en slaat een arm om haar heen. Hij voelt haar lichaamswarmte door zijn lichaam vloeien en ze rust haar hoofd op zijn schouder. Plots recht ze haar rug en kijkt hem vastberaden aan. ‘Als dat gebeurt, dan zit er niets anders op dan de situatie te accepteren en hopen dat het meisje gelukkig wordt bij haar grootouders. Ik sta daarin machteloos. We weten allebei dat liefde niet te dwingen is. Maar als jouw vraag over kinderen daarop doelt, dan moet ik je zeggen dat ik geen eigen kinderen ga nemen om haar te vervangen. Dat zou een verkeerde keuze zijn.’

Ferdy knikt, raakt voorzichtig haar gezicht aan en buigt zich naar voren om haar te kussen, maar net voordat hun lippen elkaar raken staan de kinderen voor hen.

‘Gatver, gaan jullie nu hier zitten zoenen,’ roept Nicky.

Ferdy staat op en geeft een aai over zijn bol. ‘Ik denk dat het onderhand tijd wordt om naar huis te gaan. We kunnen hier nog wel uren blijven, maar jullie krijgen er nooit genoeg van.’

‘Gaan we dan nog één keer naar mijn lievelingsdier kijken,’ vraagt Elsje.

‘En welke zijn dat,’ gapt Nicky?

‘Dat weet je best, dat zijn de stokpaartjes.’

‘Nou, dan heb je geluk want die bevinden zich bij de uitgang. Stokpaartjes, weer zo beest dat niets anders doet dan stilstaan.’

‘Oké, laten we gaan. Dan kunnen jullie je thuis nog even opfrissen voordat papa en mama thuiskomen,’ oppert Julie. ‘Andy, wat ben je stil. Voel je je wel goed?’

‘Ja hoor, ik hoop alleen dat mama niet te vermoeid is, na de reis.’

‘We zullen met zijn alle rekening met haar houden, dat beloof ik,’ stelt Julie hem gerust en neemt hem een paar seconde in haar armen. Even kruipt hij dicht tegen haar aan en fluistert: ‘Dank je tante Julie.’

Voordat ze het parkeerterrein af zijn, zijn ze alweer een half uur verder. ‘Gaat iedereen tegelijk naar huis,’ bromt Ferdy.

 

Als ze thuiskomen zien ze dat de auto van hun vader al op de oprijlaan staat geparkeerd. Opgewekt rennen de kinderen naar de achterkant van het huis waar ze hun ouders en opa in de tuin zien zitten.

Bella strekt haar armen uit en de kinderen vallen direct in haar armen. ‘Vertel eens, hebben jullie het naar jullie zin gehad,’ vraagt ze?

De kinderen kletsen door elkaar heen en Andreas maant ze tot een rustiger tempo.

‘Als jullie zo door elkaar schreeuwen, begrijpt geen mens waar jullie het over hebben. Dus…’

‘Sorry pap,’ roepen de broers in koor.

‘En jij Elsje, heb jij het ook fijn gevonden,’ vraagt Andreas?

‘Oh… ja hoor,’ antwoordt ze verlegen en kruipt even tegen Ferdy aan.

Bella begroet Julie en knuffelt haar teder. ‘Dank je lieve zus,’ fluistert ze zacht.

Julie kijkt haar niet begrijpend aan en dan ziet ze dat Bella en blik met haar vader wisselt en begrijpt ze dat hij Bella inmiddels hun geheim heeft verteld.

Nadat de verhalen over en weer zijn gedeeld wordt er nog wat gegeten en dan oppert Julie dat het tijd wordt dat zij en Elsje op huis aangaan. Als ze boven hun spulletjes verzamelt en in de koffers opbergt voelt ze zich plots droefgeestig en somber. Als ze alles heeft ingepakt en de kamer heeft opgeruimd gaat ze zwaarmoedig op het bed zitten en voelt de tranen over haar gezicht rollen.

‘Ik dacht al dat ik je hier kon vinden,’ hoort ze Ferdy fluisteren.

Verdrietig kijkt ze hem aan en stort zich in zijn armen die hij teder om haar heen slaat en geeft haar de tijd om te kalmeren. Na een tijdje maakt ze zich van hem los en kijkt hem aan. ‘Sorry, je hele overhemd is naar de knoppen.’

‘Ja, vreselijk en ik heb er maar één. Gaat het weer?’

‘Ja, het werd me even te veel. Sorry.’

‘Ze vragen zich beneden af waar je blijft. Denk je dat je zelf naar huis kunt rijden of zal ik je thuisbrengen?’

‘Nee, dank je dat gaat wel lukken. Ik ben weer oké.’

 

Beneden wordt er hartelijk afscheidt genomen en afgesproken dat ze elkaar volgend weekend weer zullen zien. Elsje die door alle opwinding zo moe is valt gedurende de rit naar huis in haar stoeltje, achter in de auto, inslaap. Thuis is het stil en Julie legt de kleine meid direct in haar bedje. Ze besluit voor zichzelf nog een kop thee te maken en dan is het ook voor haar tijd om naar bed te gaan.

Einde deel 4

error: Content is protected !!